Bij warm wit licht reken je met dezelfde lumenwaarden als bij neutraal wit, maar je hebt er in de praktijk iets meer van nodig. Warm licht wordt door je ogen als minder fel ervaren, dus wat op papier klopt, voelt in de kamer al gauw aan de donkere kant.
Lumen en kleurtemperatuur staan los van elkaar
Twee spots van 400 lumen, één op 2700K en één op 4000K, geven exact evenveel licht. Een lichtmeter ziet geen verschil. Toch zul je de warme spot omschrijven als zachter en de koele als feller.
Dat komt doordat je oog gevoeliger is voor het groenblauwe deel van het spectrum, en daar zit in warm licht simpelweg minder van. Het gevolg is een systematische onderschatting: kies je 2700K en reken je krap, dan zit je te laag.
De correctie in de praktijk
De gebruikelijke vuistregels zijn ongeveer 100 tot 150 lumen per vierkante meter voor een woonkamer en 200 tot 300 voor een keuken of badkamer. Ga je voor 2700K, neem dan de bovenkant van die marges in plaats van het gemiddelde.
Voor een woonkamer van 30 m² kom je dan op zo'n 4.500 lumen in plaats van 3.000. Dat scheelt bij spots van 400 lumen ongeveer vier stuks, of het scheelt een zwaardere spot.
Wat onze warme spots per stuk geven
Deze spots kunnen 2700K of lager, met hun lichtopbrengst erbij:
- Vigo — 320 lm, Dim2Warm van 3000K naar 2000K
- Marlo — 350 lm, CCT met 2700K als laagste stand
- Lesto — tot 400 lm, CCT, wattageschakelaar 4 of 6 watt
- Quaro — 400 lm, CCT
- Lyvo — 500 lm op 5 watt, 700 lm op 7 watt
- Ferro — 600 lm, CCT tot 5700K
Ga je warm en heb je een grote ruimte, dan is de Lyvo op de hoge stand of de Ferro de logische keuze. Met de Vigo van 320 lumen heb je bijna twee keer zoveel spots nodig voor hetzelfde resultaat.
Dim2Warm verandert de rekensom
Bij een Dim2Warm-spot gaat de kleurtemperatuur omlaag terwijl je dimt. Je hebt op vol vermogen dus de heldere 3000K en de volle lichtopbrengst, en pas als je terugdraait wordt het warm — precies op het moment dat je toch minder licht wilt.
Dat betekent dat je met Dim2Warm gewoon op de normale vuistregel kunt rekenen. Je ruimt de correctie voor warm licht in met de dimmer in plaats van met extra spots. Voor een woonkamer is dat de netste oplossing, mits je een geschikte dimmer gebruikt.
Reken niet alleen met het plafond
De vuistregel geldt voor al het licht in de ruimte. Een leeslamp, een hanglamp boven de tafel en wandlampen tellen mee. Bij warm licht is die spreiding zelfs belangrijker dan bij neutraal wit: veel kleine warme lichtbronnen voelen prettiger dan één plafond dat alles even hard aanlicht.
Mik daarom op ongeveer twee derde van je totaal in plafondspots en vul de rest aan met losse armaturen.
Kies je kleur voordat je gaat tellen
De volgorde helpt: bepaal eerst je kleurtemperatuur per ruimte, reken daarna het aantal lumen uit, en kies pas als laatste de spot. Doe je het andersom, dan blijkt de mooie spot die je gekozen had net te weinig licht te geven.
Meer over de standen zelf staat in Welke lichtkleur is 3000K?, en het volledige assortiment zie je bij de inbouwspots.
Heb je bij 2700K meer lumen nodig dan bij 4000K?
Meetkundig niet, in beleving wel. Reken bij warm wit met de bovenkant van de vuistregel in plaats van het gemiddelde.
Hoeveel lumen is warm wit licht?
Dat staat er los van. Warm wit slaat op de kleurtemperatuur in kelvin; lumen zegt hoeveel licht er uit komt. Onze warme spots lopen van 320 tot 700 lumen.
Kan ik warm licht dimmen zonder dat het te donker wordt?
Kies dan Dim2Warm: op vol vermogen krijg je de volle opbrengst bij 3000K, en pas bij het terugdraaien wordt het warmer.