Meestal niet als hij uitgaat, maar als hij te zwak is geworden. Een led sterft zelden ineens: hij levert steeds minder licht in. De branche houdt zeventig procent van de oorspronkelijke lichtopbrengst aan als het punt waarop je hem versleten noemt.
Weet je wat je zoekt? Bekijk alle Inbouwspots (34)
Wat die 50.000 uur op de doos betekent
Niet dat de lamp dan stuk is. Het getal hoort bij een L-waarde, en die zegt hoeveel licht er dan nog uit komt.
- L70: na die uren geeft de lamp nog 70 procent van zijn oorspronkelijke lumen
- L80: nog 80 procent, dus een strengere eis en een korter getal
- L90: nog 90 procent, wat alleen goede armaturen halen
L70 is de gangbare maat omdat een geleidelijke terugloop tot ongeveer dat niveau vrijwel niemand opvalt. Pas daaronder ga je het zien, en zelfs dan meestal alleen als er een nieuwe lamp naast hangt.
Soms staat er een tweede letter bij, zoals L70B50. Die B gaat over hoeveel exemplaren het halen. B50 betekent dat de helft van de lampen op dat punt nog 70 procent geeft, en de andere helft dus al minder. B10 is strenger: dan haalt negentig procent het.
Hoe ze aan dat getal komen
Hier wordt het interessant, want niemand laat een lamp vijftig jaar branden om het te meten.
Ledmodules worden getest volgens LM-80. Die test duurt minimaal 6.000 uur, bij voorkeur 10.000, en meet minstens elke 1.000 uur de lichtopbrengst bij verschillende temperaturen. Daarna wordt met de rekenmethode TM-21 doorgerekend naar de toekomst.
En daar zit een grens aan. TM-21 staat toe dat je hooguit zes keer de testduur extrapoleert, bij een steekproef van twintig exemplaren. Bij tien exemplaren is het vijfeneenhalf keer. Een opgave van 50.000 uur vraagt dus minstens zo'n 8.300 uur echte test, ofwel bijna een jaar meten.
Dat is precies waarom die regel bestaat. Zonder plafond kon een fabrikant uit een test van duizend uur een levensduur van een eeuw rekenen.
Wat er in de praktijk eerder stukgaat
De led zelf zelden. De elektronica ervoor wel.
Gaat één spot uit terwijl de rest blijft branden, kijk dan eerst naar de driver. Bij een losse driver is dat een blokje boven het plafond dat je apart kunt vervangen. Vallen er meerdere spots tegelijk uit, dan zat er een doorlusdriver in. Dat staat verder uitgewerkt in Kun je een geïntegreerde led vervangen?
Warmte is de grootste vijand van die elektronica. Een spot die ingepakt zit in isolatie haalt zijn opgegeven uren niet, hoe goed de led zelf ook is.
Wat wij vermelden
De levensduur staat bij ons per product, en de verschillen zijn groot. In onze catalogus loopt het van 15.000 uur bij de Plano en de Luma, via 25.000 bij de Lesto, tot 50.000 bij de Lyvo en 54.000 bij de Ferro.
Dat verschil telt pas op plekken waar je moeilijk bij kunt. Brandt een spot drie uur per dag, dan is 50.000 uur ruim veertig jaar en is het getal vooral theorie. Hangt hij in een winkel die tien uur per dag open is, dan is het dertien jaar tegen vier jaar, en dan wordt het een echte keuze.
Niet bij elk product staat een opgave. Waar de leverancier geen cijfer geeft, vullen we er geen in.
Wanneer vervang je hem dan
Drie signalen zijn het duidelijkst:
Zichtbaar zwakker dan de buurman. Hang een nieuwe spot naast een oude en kijk. Zie je verschil, dan zit je onder de zeventig procent.
De kleur is verlopen. Sommige leds worden met de jaren groenig of paars. Dat heet color shift en is vervelender dan lichtverlies, want het valt wel op.
Hij knippert. Dat is bijna altijd de driver of de dimmer, niet de led. Kijk daar eerst naar voordat je iets weggooit, via Waarom knippert je led-lamp?
Het aanbod staat bij de inbouwspots.
Gaat een led-lamp echt 50.000 uur mee?
Hij brandt dan meestal nog, maar geeft nog ongeveer zeventig procent van zijn oorspronkelijke licht. Dat is wat de L70-opgave betekent.
Wat betekent L70B50?
Na het genoemde aantal uren geeft de lamp nog 70 procent van zijn lumen, en de helft van de exemplaren haalt dat punt. B10 is strenger: dan haalt negentig procent het.
Hoe weten fabrikanten de levensduur van tevoren?
Via een LM-80-test van minstens 6.000 uur, doorgerekend met TM-21. Die methode staat hooguit een extrapolatie van zes keer de testduur toe.